De Universiteit van Gent wil het meest vooraanstaande instituut worden op het gebied van duurzaamheid. Dit staat dan ook duidelijk op het voorplan in haar onderwijs, onderzoek en organisatie.

Onderwijs & Opleiding

Het duurzaamheidskantoor leidt het dagelijks functioneren van het duurzaam ontwikkelingsbeleid. Hier nemen studenten en personeel initiatieven en coördineren ze projecten. Het is hun taak om duurzame projecten te stimuleren, te faciliteren en om hierover te adviseren.

Het duurzame ontwikkelingsbeleid van de UGent wordt gesteund door een stevig netwerk, dat onder andere bestaat uit de denktank Transitie UGent, de studentenvereniging UGent 1010 en een grote groep sympathisanten die samen werken aan het lanceren van nieuwe projecten. Hierbij is een grote groep mensen betrokken die hun expertise inzetten bij de verschillende projecten en die helpen om talloze initiatieven op touw te zetten, maar die ook een aanzienlijke invloed hebben op het beleid van de universiteit.
 
Het begon allemaal in 2012 toen de studiegroepen en studentenverenigingen werden uitgenodigd om zich te engageren voor het behoud van hun werkomgeving. Een honderdtal groepen, waaronder de Raad van Bestuur, besloot de uitdaging aan te gaan. Een van de doelstellingen was het ontwikkelen van een langetermijnvisie betreffende duurzaamheid.
Zo gingen bijna 150 stafleden, studenten, deskundigen en geëngageerde besluitvormers aan het werk onder de naam Transitie UGent. Ze gingen op zoek naar bestaande duurzame initiatieven, formuleerden aantrekkelijke doelstellingen en werkten overgangstrajecten uit. Hun werk werd gepubliceerd in een memorandum en tegen eind 2013 besloot het directiecomité van de universiteit zijn steun te verlenen aan hun visionaire inzichten.
Vandaag de dag is het duurzaam ontwikkelingsbeleid een van de strategische doelen geworden van de Universiteit van Gent met zijn 10.000 werknemers en 40.000 studenten.

PLANET
In het kader van het duurzame ontwikkelingsbeleid van de universiteit zijn al verschillende strategieën in werking gezet: een sterk mobiliteitsbeleid met het gebruik van duurzame vervoersmodi, het streven naar BEN-gebouwen (Bijna Energie Neutraal), investeringen in de productie van groene energie en de aankoop van 100% groene elektriciteit, het vastleggen van duurzaamheidscriteria in de lastenkohiers, de keuze voor bepaalde producten zoals duurzame vis, en het opleggen van vet- en plasticbelasting in de restaurants.
 
PEOPLE
Nieuwe initiatieven zagen het daglicht, waaronder de Week van de Fair Trade en een prijs voor een thesis rond de diversiteit en de gelijkheid van man en vrouw. De Universiteit van Gent wil ook de aandacht vestigen op het belang van maatschappelijk engagement in de opleiding en het feit dat dit engagement een steeds grotere plaats moet innemen binnen het onderwijs en de onderzoekswereld.
Zo werd ook het vernieuwende pedagogische concept van Community Service Learning (CSL) ingevoerd. Het gaat om een nieuwe onderwijsmethode, waarbij de studenten kunnen bijdragen aan plaatselijke sociale initiatieven en collectiviteitsprojecten. In dezelfde lijn ligt de “Wetenschapswinkel” van de UGent, waar non-profitorganisaties een beroep kunnen doen op thesisstudenten voor het vinden van een antwoord op vragen in verband met de problematiek rond duurzame ontwikkeling.
 
PROSPERITY
Het beleid en de acties van de universiteit, waarbij onder andere studenten in staat worden gesteld om veranderingen in te voeren, hebben een positieve impact op de groei van de studentenbevolking en het succes van de universiteit.
Dankzij een netwerk van sympathisanten dragen het beleid en de initiatieven van de UGent bij aan de plaatselijke welvaart in de breedste zin van het woord.
Het feit dat er voldoende fondsen ter beschikking worden gesteld om een sensibiliseringsbeleid te voeren en de verschillende projecten mogelijk te maken, bewijst dat de Raad van Bestuur van de universiteit vastberaden is om een verschil te maken.
Daarvan getuigt ook het beleid van “desinvestering” dat de universiteit voert: er is besloten om niet langer geld te investeren in ondernemingen of economische sectoren die een negatieve impact op de mens of de planeet hebben. Daarentegen wordt er bewust voor gekozen een deel van de fondsen te investeren in ondernemingen met een positieve impact.

PARTICIPATORY GOVERNANCE
Sinds jaar en dag is het beleid van de universiteit in handen van interne spelers, met andere woorden: de stafleden en de studenten.
In het kader van dit participatieve model maken de studenten ook deel uit van de centrale adviesraden en van die van de verschillende faculteiten, waarvan de commissie van duurzaam ontwikkelingsbeleid er één is.
Dankzij deze benadering worden er doorlopend nieuwe ideeën naar voren gebracht en kunnen de verschillende partijen hun behoeftes en basisverwachtingen kenbaar maken. Bovendien kunnen projecten concreet worden opgestart op volledig gedecentraliseerde wijze. Dat is onder andere te zien aan de werking van het duurzaamheidskantoor, waar de studenten niet voor, maar naast de stafleden werken.

België

Flandre-Orientale